In de raad 29 juni

Brandweer en buitengebied
De brandweer in de Veiligheidsregio en het bestemmingsplan Buitengebied hielden de gemoederen van de raadsleden dit keer nadrukkelijk bezig. Al in februari stelde PGB vragen over de ontwikkelingen in de Veiligheidregio. Ondanks intensief en constructief overleg, bleken de zorgen van de Oisterwijkse brandweer nog niet weggenomen.

Zorgen en wensen waren er ook over het bestemmingsplan buitengebied. Zowel bij de burgers als bij de raad. PGB worstelde vooral met de vraag of het gezien de tijdsdruk wel verantwoord was nu te besluiten over het bestemmingsplan. PGB wilde de Intensieve Veehouderij in onze gemeente een halt toeroepen, maar dat is slechts gedeeltelijk gelukt.

 

Zorgen van de Brandweer
Met een extra bijeenkomst op de kazerne en met manschappen en blusvoertuigen voor het raadhuis, gaf de Oisterwijkse brandweer uiting aan haar zorgen. Als er moet worden bezuinigd, zal wel aan een aantal voorwaarden moeten worden voldaan, zo betoogden zij.

PGB vroeg of het college de zorgen van de brandweer deelde. Dat bleek niet uit het raadsvoorstel, “Daarin is geen standpunt van het college opgenomen” aldus een teleurgestelde Kees van Elderen. Hij hamerde nog eens op het belang van een veilig Oisterwijk. Hij pleitte voor uitstel van het terugbrengen van het aantal vrijwilligers en het aantal blusvoertuigen, zolang niet aan alle voorwaarden is voldaan.

De onvrede over de opstelling van het college werd in de raad breed gedragen. Algemeen was de oproep aan de portefeuillehouder, om zich in de Veiligheidsregio echt sterk te maken voor de Oisterwijkse belangen.

Kees van Elderen pleitte voor het afgeven van een krachtig signaal. Daartoe nam de raad een door alle partijen ondertekende motie aan, waarin dat werd verwoord. Een amendement van PGB over het beperken van de kosten kreeg geen steun.

Bestemmingsplan Buitengebied vastgesteld
Het was belangrijk dat het bestemmingsplan voor 1 juli werd vastgesteld. Door die tijdsdruk, moesten op korte termijn belangrijke afwegingen worden gemaakt en dat deed volgens Eef van Doremaele van PGB afbreuk aan de noodzakelijke zorgvuldigheid. Burgers gaven in de afgelopen periode uitgebreid hun zienswijzen en maakten op grote schaal gebruik van de inspraakmogelijkheden.

De politieke partijen stelden vele vragen en de wethouder Kees Rijnen deed er alles aan om die zo goed mogelijk te beantwoorden. “Dat laat onverlet dat fouten in de besluitvorming onvermijdelijk zijn”, aldus Eef van Doremaele. En daarom herinnerde hij aan een afspraak uit het coalitieakkoord: het jaarlijks up-daten van de bestemmingsplannen.

Vanwege ook het ontbreken van een reactie van het college op de inspraak van burgers, was het volgens PGB onmogelijk de individuele belangen goed af te wegen. PGB wilde dat de wethouder voortvarend aan de slag gaat met de vele verzoeken die er nog liggen. De wethouder zegde een aanpak toe, met een prioriteitenlijst en een snelle up-date van het bestemmingsplan. PGB koos er vervolgens voor om het bestemmingsplan buitengebied op hoofdlijnen te beoordelen.

Stop op de Intensieve Veehouderij
PGB kon instemmen met de hoofdlijnen van het bestemmingsplan, met uitzondering van twee aspecten. PGB wil vooral een halt toeroepen aan de Intensieve Veehouderij in Oisterwijk, Moergestel en Heukelom.

“Wij vinden de mogelijkheden voor Intensieve Veehouderij in het plan nog te ruim”, zo betoogde Carlo van Esch. PGB wil niet tornen aan vergunde rechten, maar het mogelijk omzetten van woonbestemmingen in het LOG en het omzetten van agrarische bedrijven naar intensieve veehouderijen ging PGB te ver. Dat gold ook voor het wijzigen van bouwvlakken bij bestaande intensieve veehouderijen.

PGB diende daarover drie amendementen in, die steun kregen van PrO. Het amendement met betrekking tot het niet omzetten van de woonbestemmingen, kreeg ook de steun van het CDA en werd daarmee aangenomen. Helaas, wat PGB betreft, maar een klein stapje in de goede richting.

Vraagtekens bij de keuze voor bebouwingsconcentraties
Van de 9 voorgestelde bebouwingsconcentraties zijn er in het plan slechts 5 overgebleven, waarvoor ruimere gebruiksmogelijkheden gelden. “De onderbouwing daarvan heeft ons niet echt overtuigd” aldus Carlo van Esch.

Temeer niet omdat het beleid voor de ruimere bebouwingsmogelijkheden nog moet worden ontwikkeld. Carlo van Esch: “Dat duurt veel te lang, burgers zitten daar al jaren op te wachten.” En daarom vroeg hij om na de zomer met een concrete planning te komen. Hij gaf aan straks opnieuw te willen praten over de gemaakte keuze en de opgenomen grenzen van de bebouwingsconcentraties.